Trends & Ontwikkelingen

Trends & Ontwikkelingen

De verschillende externe ontwikkelingen zijn van invloed op onze strategie, activiteiten en bedrijfsvoering op de korte, middellange en lange termijn.

In 2016 heeft de minister van Economische Zaken in het nieuwe Gasbesluit een productieplafond uit het Groningenveld van 24 miljard m3 per jaar aangekondigd, om het risico op aardbevingen in de regio te verlagen. Deze afname van het volume Groningengas heeft directe gevolgen voor onze bedrijfsvoering. Zo neemt in Nederland de inzet van onze stikstofcapaciteit toe en worden er in Duitsland marktgebieden omgebouwd van laagcalorisch naar hoogcalorisch gas. Deze ontwikkelingen benadrukken tevens het belang van de goed functionerende gasrotonde. Deze zorgt ervoor dat huishoudens en industrie ook in de toekomst over voldoende gas kunnen beschikken. Door de gasrotonde, die een liquide gasmarkt faciliteert, kan de daling in productie vanuit Groningen worden opgevangen door extra aanvoer vanuit het buitenland (o.a. Russisch gas) door ons leidingnetwerk, en de aanvoer van LNG.

Op de middellange termijn beweegt de maatschappij naar een energievoorziening met minimale CO2-uitstoot. Er zijn verschillende manieren om CO2-reductie te bereiken. De Nederlandse gassector, verenigd in KVGN, hanteert hiervoor de zogenoemde Ladder van 7. Deze maakt duidelijk in welke volgorde stappen kunnen worden gezet om CO2 te verminderen.

De ladder begint met energiebesparing als meest efficiënte vorm van CO2-reductie, dan de inzet van duurzame bronnen, zoals zon, wind en hernieuwbaar gas en daarna de inzet van fossiele bronnen, waarbij aardgas als schoonste de voorkeur heeft. Wij geloven dat je voor een CO2-neutrale energievoorziening aardgas dáár moet inzetten waar geen volledig duurzame oplossingen beschikbaar zijn, omdat het in die gevallen het schoonste alternatief is. Tegelijkertijd zal het aardgas steeds vaker vervangen worden door hernieuwbare gassen. In de gassector staat dit principe bekend als: ‘Gas-op-maat’.
In de internationale klimaatdiscussies wordt vooral gestuurd op reductie van uitstoot op de lange termijn (2050). Maar daar waarop de middellange termijn toch fossiele energie ingezet moet worden, gaat de voorkeur naar vormen met de laagste CO2- en NOX-uitstoot. De inzet van aardgas (voor o.a. elektriciteitsopwekking, transport over water, zware vrachtwagens, ter vervanging van diesel) in plaats van steenkool en olie leidt tot een reductie in CO2 en NOX emissies.

Energiebesparingen en een toenemende productie van duurzame energie leiden uiteindelijk tot een lagere totale vraag naar fossiele energie. Dat zal ook van invloed zijn op het gebruik van aardgas, al zal gas nog decennia een belangrijke rol blijven vervullen in de energiemix voor het opvangen van pieken in de vraag en als back-up, bijvoorbeeld via hybride warmtepompen in gebouwen. Tegelijkertijd zullen hernieuwbare energiebronnen geleidelijk de fossiele brandstoffen vervangen, en zullen hernieuwbare gassen zoals biogas, groengas, synthetisch gas en waterstof aardgas vervangen. Koolstofafvang en –opslag (CCS) en warmtelevering zullen ook deel uitmaken van deze toekomst, en zijn daarmee relevante thema’s voor ons bedrijf en onze toekomstige infrastructuur.

Daarnaast zijn er andere ontwikkelingen die een belangrijke invloed hebben op de context waarbinnen we opereren:

Energietransitie

Nederland werkt aan een CO2-arme energievoorziening in de toekomst, overeenkomstig het klimaatakkoord van Parijs. In het Nederlandse Energieakkoord is afgesproken dat in 2020 14% van alle opgewekte energie hernieuwbaar moet zijn. In 2023 moet dat 16% zijn. Wij willen bijdragen aan het behalen van deze doelstelling door de inpassing van duurzame energiebronnen te faciliteren. We richten ons daarbij vooral op activiteiten die de ontwikkeling van hernieuwbaar gas mogelijk maken.

Daarnaast neemt het aandeel van wind- en zonne-energie toe. Deze bronnen zijn echter afhankelijk van de natuur, en het aanbod van energie kan niet altijd voldoen aan de vraag. Het gastransportsysteem biedt een oplossing om een goed evenwicht tussen vraag en aanbod te krijgen door te zorgen voor flexibele diensten zoals opslag en piek- en back-up capaciteit. Energie kan snel en efficiënt gasvormig worden opgeslagen en bij piekvraag of een tekort aan zonne- en windenergie direct weer worden ingezet. Daarnaast kan een teveel aan geproduceerde duurzame energie op grote schaal gasvormig worden opgeslagen en vervolgens worden ingezet bij een hoge vraag naar energie. Gas kan daardoor een belangrijke rol vervullen bij het efficiënt inzetten van zon- en windenergie. Door verdere integratie kunnen lokale en centrale energiesystemen, bestaande en nieuwe netwerken en verschillende energiedragers (elektriciteit, gas en warmte) optimaal met elkaar samenwerken. Deze systeemintegratie versnelt de energietransitie en zorgt er voor dat een duurzame energievoorziening ook betaalbaar en betrouwbaar blijft. We zijn ervan overtuigd dat onze gasinfrastructuur een cruciale rol zal spelen binnen het totale energiesysteem om te kunnen zorgen voor een betrouwbare, betaalbare en duurzame energievoorziening.

Ontwikkeling Europese gasmarkt

Door de internationalisering van gasstromen in Europa neemt de variatie in gassamenstellingen in ons net toe. Daarnaast zal de productie van aardgas in Noordwest-Europa teruglopen, net als in de Nederlandse gasvelden. Om de terugloop van de productie in het Groningenveld op te kunnen vangen, zal in de eerste plaats een afname van de exit capaciteit van L-gas naar het buitenland plaatsvinden. In de periode 2025 tot 2030 zal het gebruik van de exit capaciteit van L-gas op alle grenspunten (Duitsland en België) afnemen met ongeveer 10% per jaar.

In Zuidoost-Europa voorzien we een groeiend aandeel van gas in de energiemix. In deze landen zal gas in toenemende mate andere fossiele bronnen zoals olie en steenkool gaan vervangen als eerste belangrijke stap om tot een reductie van de CO2-uitstoot te komen. Om een groter aandeel van gas in de energiemix mogelijk te maken, voorzien wij dat in deze landen de gasinfrastructuur veilig en betrouwbaar doorontwikkeld moet worden om de liquiditeit van de gasmarkt te kunnen vergroten.

Inkomsten onder druk

De energiemix is aan het veranderen. Er wordt in toenemende mate gebruikgemaakt van duurzame, lokaal geproduceerde energie waardoor het aandeel van fossiele energiebronnen afneemt. Dit zal ook effect hebben op het aandeel van aardgas en de benutting van onze infrastructuur. Aanvullende doorvoerstromen kunnen deze afname in gastransport niet volledig compenseren, wat resulteert in lagere capaciteitsboekingen en kleinere volumes getransporteerd gas. Hierdoor staan onze inkomsten onder druk, zowel in de gereguleerde als de niet-gereguleerde omgeving waarin we onze werkzaamheden uitvoeren. Op onze gereguleerde activiteiten is een omzetregulering van toepassing, op basis van het terugverdienen van efficiënte kosten.
Toezichthouders leggen periodiek nieuwe efficiency doelstellingen op door de toekomstige omzet te beperken middels nieuwe methodebesluiten voor de komende reguleringsperiodes.

Ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en duurzaam HRM- en arbeidsvoorwaardenbeleid

De wereld waarin we wonen en werken verandert snel. Voor de arbeidsmarkt onderscheiden we globaal drie trends die voor ons van belang zijn:

  • We zien nog steeds krapte op de arbeidsmarkt voor wat betreft technisch geschoolde medewerkers.
  • De uittreedleeftijd verschuift naar 67 jaar. Dit stelt andere eisen aan medewerkers en aan de inrichting van onze organisatie op personeelsgebied.
  • Door robotisering en digitalisering wordt in toenemende mate werk van mensen overgenomen.

Om in te kunnen spelen op deze veranderingen, moet onze organisatie flexibeler en wendbaarder worden. Deze ontwikkelingen vragen om een HR-beleid dat gericht is op duurzame inzetbaarheid van medewerkers. Medewerkers zullen zich continu moeten blijven ontwikkelen, ook op nieuwe terreinen. Ons personeel moet toekomstbestendig zijn om mee te kunnen gaan met de laatste ontwikkelingen.